Koen Reijnders over zijn ervaring met hyperbare zuurstoftherapie:

'Een tevreden PATIËNT tegenover me, dat is het doel'

‘Dat dit niet altijd mogelijk is, dat weten we allemaal. Maar het is wel hetgeen waar je naar streeft als arts. Samen met je team kijk je naar welke behandelingen het beste zijn voor je patiënt. Dit geldt niet alleen voor de behandeling van de tumor. Uiteindelijk willen we dat de patiënt weer in staat is zijn leven zo goed mogelijk op te pakken',aldus Koen Reijnders, oncologisch chirurg in het Slingeland Ziekenhuis in Doetinchem.

Als oncologisch chirurg is Reijnders onder meer betrokken bij de behandeling van colorectale tumoren en borstkanker. ‘In het behandeltraject na de bestraling zie je bij de mammapatiënte dan nog wel eens pijn en oedeem van de bestraalde borst optreden. In de meeste gevallen van late radiatieschade van de mamma is geen sprake van een wond. Dan zijn de resultaten van de hyperbare zuurstofbehandeling minder goed te objectiveren en ga je af op de subjectieve beleving van de patiënt. Naar mijn idee is ongeveer 80 procent van de verbetering in dat geval subjectief. Ik heb daar geen problemen mee. Het gaat er tenslotte om wat de beleving van de patiënt is. Als zij zeggen dat ze minder pijn hebben en zich beter kunnen bewegen, dan is dat toch mooi? Zeker als de patiënt bijvoorbeeld vertelt dat zij weer een beker uit het keukenkastje kan pakken zonder pijn, wat daarvoor niet kon, dan ben ik helemaal gelukkig. Voor mijn gevoel zie ik wel bij mensen dat het minder vurig is en dat er wat minder oedeem zit. Maar voor mij gaat het er om dat die mensen minder of helemaal geen klachten meer ervaren. Daar doe ik het voor.’

Mooi genezen

Wanneer er sprake is van wonden dan is volgens Reijnders verbetering objectief te meten doordat de wond dichtgaat. ‘Sommige patiënten hebben een niet genezende wond na borstsparende operatie en radiotherapie; deze mensen stel ik meestal hyperbare zuurstof therapie voor, want excisie van de wond levert meestal een bedroevend resultaat op. Eén van mijn patiënten had een anuscarcinoom met een gecompliceerd beloop, met veel re-ok’s omdat er nog recidief tumorweefsel zat. Deze patiënt is opnieuw bestraald en vervolgens verwezen voor hyperbare zuurstoftherapie. Het is daarna mooi genezen. Het feit dat deze patiënt daarbij ook chemotherapie heeft gehad en diabetes had, gaf voor mij een extra motivatie om hem met hyperbare zuurstoftherapie te behandelen. Zo’n wond is dan duidelijk ischemisch en mijn ervaring is dat zo’n wond spontaan niet meer geneest. Met hyperbare zuurstoftherapie zie je dat wel gebeuren.’ 

Lange-termijneffecten

De lange-termijneffecten van hyperbare zuurstoftherapie bekijkt Reijnders met een nuchtere blik. ‘Kijk, ik heb 15 minuten voor controle van oncologische patiënten. Dat is zeer beperkt en betekent dat je niet de diepte in kunt. Wat goed gaat, gaat goed. Dan sta je er niet langer bij stil. Maar als mensen een relapse zouden hebben gehad na hun hyperbare zuurstofbehandeling, dan had ik dat wel gehoord. Ze zijn altijd gewoon gelukkig dat ze geweest zijn. De één vindt het matig effectief en de ander is er gewoonweg heel blij mee.’

Laatste wijziging: 4 februari 2016

Koen Reijnders

Chirurg in het Slingeland Ziekenhuis te Doetinchem

koenreijders.jpg